ECB verhoogt rente voor het eerst in elf jaar (juli 2022)
Op 21 juli 2022 verhoogde de ECB de rente met 0,50 procentpunt, de eerste verhoging sinds 2011. Daarmee kwam na acht jaar een einde aan de negatieve rente in de eurozone.
Kernfeiten
- Renteverhoging
- 0,50 procentpunt
- Depositorente
- Van -0,50% naar 0%
- Vorige verhoging
- 2011
- Nieuw instrument
- Transmission Protection Instrument (TPI)
Effect op de EUR/USD koers
Uitgangspunt: 1,0217 dollar per euro op 20 juli 2022, de laatste handelsdag vóór de gebeurtenis.
- 1 week later
- 1,0163
- −0,53%
- 1 maand later
- 1,0039
- −1,74%
- 3 maanden later
- 0,9823
- −3,86%
- 1 jaar later
- 1,1120
- +8,84%
Positief = de euro werd meer dollar waard. Koersen zijn officiële dagkoersen; tijdens de handelsdag kunnen de uitschieters groter zijn geweest. Bekijk de koers op 20 jul 2022
Inflatie dwingt de ECB tot actie
In 2022 liep de inflatie in de eurozone op naar niveaus die sinds de invoering van de euro niet waren voorgekomen. Energie en voedsel werden in hoog tempo duurder, eerst door de economische heropening na corona en daarna door de oorlog in Oekraïne. De ECB werd verweten te laat te reageren, zeker omdat de Federal Reserve en de Bank of England al maanden eerder waren begonnen met renteverhogingen.
Op 21 juli 2022 zette de ECB de stap. De drie belangrijkste rentetarieven gingen met 0,50 procentpunt omhoog, terwijl de ECB een maand eerder nog had gesignaleerd dat het waarschijnlijk 0,25 procentpunt zou worden. De depositorente steeg daarmee van -0,50 naar 0 procent. Het was de eerste renteverhoging van de ECB in elf jaar.
Afscheid van de negatieve rente
Met dit besluit kwam een einde aan een bijzonder hoofdstuk. Sinds juni 2014 hadden banken moeten betalen om geld bij de ECB te stallen. In die acht jaar werd negatieve rente in Europa bijna normaal; sommige Nederlandse banken rekenden zelfs negatieve rente aan klanten met grotere spaartegoeden.
De verhoging van juli 2022 bleek het begin van een snelle reeks. In de maanden daarna volgden stappen van 0,75 procentpunt, en in september 2023 bereikte de depositorente 4 procent.
Een vangnet voor zwakkere eurolanden
Tegelijk met de renteverhoging presenteerde de ECB het Transmission Protection Instrument, kortweg TPI. Daarmee kan de centrale bank obligaties van een euroland opkopen als de rente op de schuld van dat land ongerechtvaardigd hard oploopt. Vooral Italië stond in die periode onder druk, mede door politieke onrust in Rome.
Het instrument moest voorkomen dat hogere rentes opnieuw een eurocrisis zouden veroorzaken, zoals in 2010 tot 2012. Dat stelde beleggers gerust, ook al is het TPI sindsdien niet ingezet.
Effect op de euro en voor Nederlanders
De euro stond op dat moment rond de 1,02 dollar, vlak na het bereiken van pariteit. De hogere rente gaf de munt op korte termijn wat steun, maar dat was niet genoeg om de daling te keren: de Fed verhoogde in hetzelfde tempo of sneller, en de energiecrisis woog zwaar. Pas in het najaar van 2022 begon de euro aan een herstel.
Voor Nederlanders betekende de omslag in het rentebeleid dat de spaarrente na jaren eindelijk weer begon te stijgen, al ging dat bij banken traag. De hypotheekrente liep in 2022 juist fors op, wat de huizenmarkt afkoelde. Voor wie een hypotheek moest afsluiten of de rente moest vastzetten, werden de maandlasten flink hoger.