Faillissement van Lehman Brothers
Op 15 september 2008 vroeg zakenbank Lehman Brothers faillissement aan. De paniek die volgde dreef beleggers naar de dollar: eind oktober 2008 stond de euro rond 1,25 dollar.
Kernfeiten
- Faillissement
- 15 september 2008
- EUR/USD half september
- circa 1,42 dollar
- EUR/USD 27 oktober 2008
- circa 1,24–1,25 dollar
- Gecoördineerde renteverlaging
- 8 oktober 2008
Effect op de EUR/USD koers
Uitgangspunt: 1,4172 dollar per euro op 12 september 2008, de laatste handelsdag vóór de gebeurtenis.
- 1 week later
- 1,4697
- +3,70%
- 1 maand later
- 1,3567
- −4,27%
- 3 maanden later
- 1,3663
- −3,59%
- 1 jaar later
- 1,4618
- +3,15%
Positief = de euro werd meer dollar waard. Koersen zijn officiële dagkoersen; tijdens de handelsdag kunnen de uitschieters groter zijn geweest. Bekijk de koers op 12 sep 2008
De val van een zakenbank
In de nacht van 14 op 15 september 2008 vroeg Lehman Brothers, destijds de op drie na grootste Amerikaanse zakenbank, faillissement aan. Het is tot op heden het grootste faillissement in de Amerikaanse geschiedenis. De bank had grote posities in hypotheekgerelateerde beleggingen en vond geen koper; de Amerikaanse overheid weigerde bij te springen.
Het besluit om Lehman te laten vallen zette het wereldwijde financiële systeem onder enorme druk. Banken vertrouwden elkaar niet meer en de geldmarkten droogden op. In de dagen erna moest de Amerikaanse overheid verzekeraar AIG redden.
Eerst schommelingen, dan een vlucht naar de dollar
Op de dag van het faillissement stond de euro rond 1,42 dollar. Opvallend genoeg steeg de euro in de week daarna nog, tot bijna 1,47 dollar, toen de Amerikaanse regering met een groot reddingsplan voor de banken kwam en beleggers vreesden voor de kosten daarvan.
Vanaf eind september sloeg de beweging hard om. De crisis bleek ook Europese banken zwaar te raken en beleggers zochten massaal veiligheid in de dollar en Amerikaanse staatsobligaties. Bovendien hadden banken wereldwijd dringend dollars nodig om hun financiering rond te krijgen. Op 27 oktober 2008 stond de euro rond 1,24 à 1,25 dollar, het laagste niveau sinds 2006.
Centrale banken grijpen in
Op 8 oktober 2008 verlaagden de Fed, de ECB en enkele andere centrale banken gezamenlijk hun rente met een half procentpunt, een ongekende gecoördineerde actie. De Fed breidde de dollarswaplijnen met andere centrale banken fors uit, zodat ook Europese banken aan dollars konden komen. Medio december 2008 bracht de Fed haar beleidsrente terug naar 0 tot 0,25 procent. Ook de ECB verlaagde de rente in de maanden daarna in hoog tempo.
De valutamarkt was in deze maanden uitzonderlijk beweeglijk. Dagelijkse koersbewegingen van 2 tot 3 procent, normaal zeldzaam voor EUR/USD, kwamen in oktober en november 2008 meerdere keren voor.
Nasleep
Eind 2008 herstelde de euro weer naar bijna 1,40 dollar, onder meer doordat de Fed haar rente naar nul bracht. De crisis luidde wel een nieuw tijdperk in van nulrentes en grootschalige obligatieaankopen door centrale banken, dat de koers van de euro en de dollar nog jaren zou bepalen.